Home Bots in SocietyZwakke instroom in bèta-technische opleidingen kan Nederlandse groei beperken

Zwakke instroom in bèta-technische opleidingen kan Nederlandse groei beperken

door Pieter Werner

Nederland kan tussen 2025 en 2035 tot €59 miljard aan economische output mislopen als de instroom van talent in bèta-technische sectoren niet wordt versterkt. Dat blijkt uit een rapport van Cebr, opgesteld in opdracht van consultancybedrijf SThree.

Volgens de meest recente gegevens waren bèta-technische en aanverwante sectoren in 2023 goed voor 13,1% van de totale Nederlandse economische output. Dat komt neer op ongeveer €107 miljard. De bruto toegevoegde waarde van deze sectoren zal naar verwachting groeien tot circa €154 miljard in 2035, uitgaande van een gemiddelde jaarlijkse groei van 2,6%. Die groei kan volgens het rapport onder druk komen te staan door structurele tekorten aan gespecialiseerde werknemers.

Nederland staat op de 23e plaats van 42 onderzochte economieën wat betreft afhankelijkheid van bèta-technische sectoren. Duitsland staat op plaats 10 en België op plaats 24. Binnen Nederland levert de technologiesector het grootste aandeel aan deze afhankelijkheid. Het rapport wijst daarbij op de Nederlandse digitale economie en de productiebasis, met bedrijven als ASML als voorbeeld.

De instroom in bèta-technische opleidingen blijft volgens het rapport achter bij het Europese gemiddelde. In Nederland volgt 18,6% van de studenten een bèta-technische opleiding, tegenover 26,9% gemiddeld in de Europese Unie. Dat kan gevolgen hebben voor de beschikbaarheid van hoogopgeleide professionals in sectoren zoals technologie, geavanceerde productie en engineering.

Tegelijkertijd ligt het aantal afgestudeerden in Nederland met 11,0 per 1.000 inwoners boven het internationale gemiddelde. De groei van het aantal afgestudeerden bleef de afgelopen periode stabiel op 2,2% per jaar.

Margot van Soest, managing director Nederland en Spanje bij SThree, zegt dat Nederland over een sterke positie beschikt in technologie en geavanceerde productie, maar dat die positie afhankelijk blijft van een duurzame instroom van technisch talent. “Zonder een structurele en duurzame instroom van bèta-technisch talent komt die positie direct onder druk te staan. Dat remt niet alleen toekomstige groei, maar verzwakt ook onze economische veerkracht,” aldus Van Soest.

Volgens het rapport ontstaat er een risico dat het verschil tussen het economische potentieel en de gerealiseerde output groter wordt als de vraag naar technisch personeel sneller groeit dan het aanbod. Dat kan gevolgen hebben voor strategische sectoren zoals semiconductors, digitale technologieën en geavanceerde engineering.

Van Soest stelt dat investeringen in onderwijs, innovatie en werkgeverschap nodig zijn om de kloof tussen vraag en aanbod te verkleinen. “Door gericht te investeren in onderwijs, innovatie en aantrekkelijk werkgeverschap kan Nederland die groei juist versnellen en internationaal talent blijven aantrekken,” zegt zij.

Het rapport wijst daarnaast op factoren die de Nederlandse positie ondersteunen, waaronder investeringen in onderwijs en onderzoek en ontwikkeling, een innovatie-ecosysteem en een internationaal concurrerende technologiesector. Om die basis om te zetten in langetermijngroei, zijn volgens het rapport verdere investeringen nodig in bèta-technisch onderwijs, talentbehoud en het aantrekken van internationaal talent.

Misschien vind je deze berichten ook interessant