Home Bots & BrainsSlimme rollator moet valrisico bij ouderen verkleinen

Slimme rollator moet valrisico bij ouderen verkleinen

Eerste exemplaar overhandigd bij Breda Robotics, Herbergier Vlijmen start met praktijktest

door Marco van der Hoeven

Een val met botbreuken kan voor kwetsbare ouderen grote gevolgen hebben. Naar schatting overlijdt ongeveer 30 procent van de ouderen die valt uiteindelijk aan de gevolgen daarvan. Dit was een belangrijke motivatie voor de ontwikkeling van een slimme rollator. Carla Kranenborg van Eerd, wethouder Economie, Innovatie en Digitalisering Arbeidsmarkt en Financiën bij de Gemeente Breda, overhandigde het eerste exemplaar aan Herbergier Vlijmen, een woonzorgvoorziening voor mensen met dementie.

De rollator is ontwikkeld door Improvia, in samenwerking met Breda Robotics. Volgens Iwan de Waard, medeoprichter van Breda Robotics en CTO bij Improvia, begon het project met praktische vragen uit de zorg, waaronder ghet terugdringen van ongelukken.

Wat startte als een technisch experiment, moest volgens De Waard al snel voldoen aan de eisen van de zorgpraktijk. “Als je iets inzet in een instelling en er gaat iets fout, dan krijg je discussies over certificering en verantwoordelijkheid. Daarom wilden we een product met de juiste markering, dat veilig toegepast kan worden.”

Met de formele status van het hulpmiddel ligt de verantwoordelijkheid bij de producent en niet bij de zorgondernemer. Dit is dus niet alleen een technisch, maar ook een juridisch en organisatorisch startpunt.

Ondersteuning zonder complexe interface

De slimme rollator bevat sensoren en een ingebouwd systeem dat afstand en houding monitort, maar zonder zichtbare schermen of ingewikkelde bediening. “Het moet gewoon natuurlijk werken,” aldus De Waard. “Een gebruiker moet zich vooral niet gecontroleerd voelen.”

De ergonomie speelt een centrale rol. Het klassieke beeld van een rollator is dat mensen voorovergebogen lopen. De nieuwe uitvoering moet dat tegengaan. Remco Foppen testte het hulpmiddel zelf en ziet daarin direct effect. “Dat rechtop staan is echt een hele mooie verbetering. Als je voelt dat hij subtiel afremt, word je eigenlijk gedwongen om weer rechtop te staan en verder te lopen.”

Naast corrigerend remmen kan de rollator ook ondersteunen. “Als je keurig tussen de wielen blijft lopen, wordt hij bijna gewichtloos en helpt hij heel subtiel,” aldus Foppen. Voor gebruikers met complexere problematiek zijn aanvullende instellingen mogelijk. “Je kunt hem zo configureren dat hij sterker corrigeert en echt terugkomt naar de gebruiker,” lichtte De Waard toe.

Praktijktest bij bewoners met dementie en Parkinson

Herbergier Vlijmen, waar achttien bewoners wonen met onder meer dementie en in sommige gevallen Parkinson, fungeert als eerste testlocatie. Foppen benadrukt dat innovatie in de zorg altijd ten dienste moet staan van het dagelijks leven van bewoners.

“Innovatie in de zorg is voor mij geen doel op zich. Het is een middel om het dagelijks leven van bewoners zelfstandiger te maken, op een veilige manier.” Volgens hem werkt technologie in de ouderenzorg alleen als die intuïtief is. “Deze innovatie laat zien dat techniek ondersteunend kan zijn, zonder dat bewoners iets hoeven te leren of aanpassen.”

Hij ziet de inzet van de rollator als een gezamenlijk traject. “Niet als eindgebruiker achteraf, maar als partner in de ontwikkeling van het product. In een kleinschalige woonvorm kunnen we snel en eerlijk toetsen en verbeteren.”

Technologie in dienst van maatschappelijke opgaven

Wethouder Carla Kranenborg van Eerd plaatst het project in een bredere context van innovatie en maatschappelijke opgaven. “Techniek is nooit een doel op zich,” stelde zij. “Of het nu robotica of AI is, het dient altijd een ander doel. In dit geval het verbeteren van levens van onze inwoners.”

Zij wees daarbij expliciet op de impact van valincidenten. “Het feit dat mensen niet meer vallen en daardoor vrijer kunnen bewegen, dat is waar het om gaat. Die 30 procent die uiteindelijk overlijdt aan de gevolgen van een val, dat onderstreept de urgentie.”

Volgens de wethouder laat het project ook zien wat samenwerking tussen zorg, techniek, onderwijs en overheid kan opleveren. “Als je die disciplines samenbrengt, kom je tot oplossingen die echt van betekenis zijn in de dagelijkse praktijk.”

Beginpunt voor verdere ontwikkeling

De ontwikkelaars zien de overhandiging nadrukkelijk als een startpunt. De komende periode wordt gebruikt om praktijkervaring op te doen en te bepalen welke verbeteringen mogelijk zijn. “We hopen dat mensen er veilig mee kunnen lopen en niet vallen,” aldus De Waard. “En dat we daarvan kunnen leren en eventueel een volgende versie kunnen maken.”

Misschien vind je deze berichten ook interessant