Renault Group en het Franse robotbedrijf Wandercraft willen eind 2027 in totaal 350 humanoïd robots inzetten in fabrieken in Frankrijk en Spanje. Tijdens de Humanoid Robots Summit in Stuttgart gaven beide bedrijven meer inzicht in de ontwikkeling van het programma. Daarbij werd duidelijk dat niet alleen de hardware, maar vooral ook het trainen van nieuwe vaardigheden nog een belangrijke uitdaging vormt.
Renault wil eind 2026 ongeveer tien humanoïde robots in gebruik hebben. Een jaar later moet dat aantal zijn opgelopen tot 350. Die doelstelling maakte de autofabrikant eerder dit jaar al bekend en vormde in Stuttgart opnieuw een belangrijk onderdeel van de gezamenlijke presentatie met Wandercraft.
De samenwerking draait om Calvin, het humanoïde robotplatform van Wandercraft. Renault test de robot inmiddels in zijn fabriek in Douai, waar Calvin onder meer banden verplaatst. Daarbij pakt de robot twee banden tegelijk op, goed voor ongeveer 30 kilo. Voor Renault is dit soort werk interessant omdat het fysiek belastend en repeterend is, terwijl een humanoïde robot in principe ook voor andere taken kan worden ingezet.
Tijdens de bijeenkomst in Stuttgart presenteerden Laurent Duthoit van Renault en Camille Croze van Wandercraft de voortgang van het project. Volgens summitmoderator Martin Willers lieten de bedrijven daarbij ook een nieuw industrieel humanoïde ontwerp zien. Een verslag vanaf het evenement spreekt over een V1-versie die samen met Renault is ontwikkeld. Daaraan ging een eerste Calvin-prototype vooraf dat Wandercraft in veertig dagen bouwde op basis van technologie uit zijn exoskeletplatform.
Een van de opvallendste punten uit de presentatie was de tijd die nodig is om een humanoïde robot een nieuwe industriële taak te leren. Volgens verslaggeving vanaf de summit kost dat nu nog ongeveer zes maanden. In die periode worden onder meer teleoperatiedata verzameld, modellen ontwikkeld en gedragingen in simulatie getest. Voor grootschalig gebruik in de auto-industrie moet die doorlooptijd uiteindelijk terug naar dagen of weken.
Een gebrek aan geschikte trainingsdata speelt daarbij een rol. Veel bestaande datasets voor algemene robotica komen uit huishoudelijke of relatief gecontroleerde omgevingen. Een productielijn stelt andere eisen. Robots moeten kunnen omgaan met bewegende processen, wisselende objecten, veiligheidsregels en vooral met de noodzaak om dezelfde taak langdurig en betrouwbaar uit te voeren.
Dat laatste is voor Renault cruciaal. De fabrikant gebruikt naar eigen zeggen al ongeveer 11.000 klassieke industriële robots. Die zijn doorgaans ontworpen en geprogrammeerd voor één specifieke taak. Met Calvin wil Renault juist onderzoeken in hoeverre één mobiel robotsysteem verschillende werkzaamheden kan uitvoeren en zich kan aanpassen aan veranderende omstandigheden.
In de fabriek in Douai zijn volgens Renault nog twee duidelijke ontwikkelpunten zichtbaar: de robuustheid van de robot moet verder omhoog en de integratie in een snel draaiende productieomgeving moet beter. Het huidige programma is daarom nog nadrukkelijk een ontwikkeltraject en geen grootschalige vervanging van bestaande automatisering of personeel.
Tegelijkertijd probeert Wandercraft ook buiten Renault op te schalen. Op 4 september meldde het bedrijf dat het inmiddels twaalf klanten voor Calvin-40 heeft binnengehaald in onder meer de auto-industrie, logistiek, retail, zorg en defensie. Namen en aantallen per klant zijn niet bekendgemaakt. De eerste toepassingen richten zich vooral op intern transport en materiaalbehandeling, bijvoorbeeld van banden, dozen, pakketten, panelen en karren. Daarnaast werkt Wandercraft aan taken als picking en sorting.
De strategie van Wandercraft is om de robot eerst in duidelijk afgebakende taken betrouwbaar te laten presteren en daarna op basis van praktijkdata nieuwe vaardigheden toe te voegen. Het bedrijf werkt samen met Renault aan onder meer engineering, productie, inkoop en kostenoptimalisatie om Calvin geschikt te maken voor serieproductie. De eerste serieleveringen staan gepland voor de eerste helft van 2027.
De presentatie in Stuttgart maakte daarmee duidelijk waar de ontwikkeling van industriële humanoïden nu staat. Renault en Wandercraft hebben een concreet doel voor honderden robots in fabrieken en Wandercraft bouwt tegelijkertijd aan een bredere klantenbasis. Maar voor opschaling zijn snellere training, hogere betrouwbaarheid en stabiele integratie in bestaande productieprocessen nog minstens zo belangrijk als de robot zelf.
