Onderzoekers van Tampere University en de University of Bremen hebben vastgesteld dat de aanwezigheid van ogen een duidelijke invloed heeft op hoe mensen het ‘mentale leven’ van humanoïde robots inschatten. In hun studie onderzochten zij hoe specifieke gezichtskenmerken bijdragen aan zogeheten mind perception: de menselijke neiging om bewustzijn, emoties en cognitieve vermogens toe te schrijven aan anderen, maar ook aan objecten of technologie.
Binnen mind perception wordt doorgaans onderscheid gemaakt tussen twee dimensies: agency en experience. Agency verwijst naar vermogens zoals nadenken, zelfcontrole en het kunnen overzien van de gevolgen van handelingen. Experience heeft betrekking op het vermogen om emoties te voelen. Eerder onderzoek liet al zien dat mensen dergelijke eigenschappen gemakkelijk toeschrijven aan uiteenlopende verschijnselen, waaronder technologische apparaten. Toch beschikken niet alle humanoïde robots over gezichtskenmerken die als ogen kunnen worden herkend.
Voor het onderzoek genereerden de wetenschappers met behulp van kunstmatige intelligentie een grote reeks realistisch ogende humanoïde robots. Van elke robot werd een versie met ogen en een versie zonder ogen gemaakt. De beelden werden in twee afzonderlijke experimenten voorgelegd aan een grote groep deelnemers.
De resultaten waren consistent. Ongeacht of de robots een kinderlijk of volwassen uiterlijk hadden, en ongeacht of de ogen op een scherm in het gezicht werden weergegeven of in de fysieke structuur waren geïntegreerd, werden de robots met ogen systematisch beoordeeld als beschikbend over meer agency en experience dan hun tegenhangers zonder ogen.
Volgens professor Jari Hietanen, die het onderzoek leidde, bleek het effect van ogen ook uit een experiment dat niet gebaseerd was op bewuste zelfrapportage. Dat wijst erop dat de aanwezigheid van ogen al in een vroeg, mogelijk prebewust stadium van informatieverwerking invloed heeft op de toeschrijving van mentale eigenschappen.
“Deze studie laat zien dat ogen veel meer zijn dan een esthetisch detail – ze kunnen bepalen hoe mensen de sociale en morele status van robots waarnemen. Dat is relevant, omdat de perceptie van een ‘geest’ invloed heeft op empathie, de bereidheid om samen te werken en zelfs op hoe mensen technologie ethisch behandelen. Deze bevindingen hebben directe implicaties voor het ontwerp van humanoïde robots,” aldus Hietanen.
