Home Bots in SocietyAdvocaat in Ontario zes maanden geschorst na verzonnen ChatGPT rechtszaken

Advocaat in Ontario zes maanden geschorst na verzonnen ChatGPT rechtszaken

door Marco van der Hoeven

Een advocaat uit Ontario is zes maanden geschorst nadat ze bij de rechtbank een document had ingediend vol verzonnen rechtszaken, gegenereerd door ChatGPT. Erger nog, toen ze daarop werd betrapt, loog ze er meermaals over, zowel tegen de rechter als tegen haar eigen beroepsorganisatie. De uitspraak van het Law Society Tribunal van 16 juli 2026 in de zaak Law Society of Ontario v Lee is een van de meest gedetailleerde tuchtzaken tot nu toe over advocaten die generatieve AI gebruiken, en meteen een waarschuwend verhaal over hoe een technisch foutje kan uitgroeien tot een veel groter integriteitsprobleem.

Mary Hyun Sook Lee, sinds 1995 advocaat en al die tijd zelfstandig gevestigd, stond een cliënte bij in een familiezaak die na het overlijden van haar echtgenoot was uitgemond in een nalatenschapskwestie. Omdat de cliënte geen recht meer had op rechtsbijstand en amper geld had, werkte Lee vrijwel gratis verder. Voor een spoedeisend verzoekschrift gebruikte ze ChatGPT om een pleitnota op te stellen.

Daarin verwees ze naar vier rechtszaken. Eén ervan bestond weliswaar echt, maar werd verkeerd voorgesteld: volgens Lee had de rechter ooit een executeur ontslagen wegens wanbeheer, terwijl die rechter destijds juist het tegenovergestelde had beslist en de beschuldigingen had verworpen. De andere drie zaken bestonden helemaal niet. De hyperlinks erbij leidden naar totaal andere uitspraken of naar een foutmelding.

Toen de zaak in mei 2025 voorkwam, kon de rechter de aangehaalde uitspraken nergens terugvinden en vroeg hij Lee ronduit of ze ChatGPT had gebruikt. Ze antwoordde van niet. Op de vraag of misschien een medewerker dat had gedaan, zei ze dat ze dat niet kon zeggen. Beide antwoorden waren onwaar, Lee had de pleitnota zelf en alleen geschreven.

Verder de fout in

De rechter liet de zitting doorgaan, maar maakte in zijn schriftelijke beslissing melding van de verzonnen citaten en gaf Lee de opdracht om te verklaren waarom ze niet wegens minachting van de rechtbank zou worden vervolgd.

In plaats van eerlijk te zijn, ging Lee nog verder de fout in. In een brief aan de rechtbank schreef ze dat ze na “navraag bij haar personeel” had ontdekt dat een medewerker de AI-tool had gebruikt. Tijdens een volgende zitting vertelde ze zelfs specifiek dat een rechtenstudente de pleitnota met ChatGPT had opgesteld, zonder haar opdracht, en dat ze “geschokt” was geweest toen ze dat hoorde. In werkelijkheid had Lee sinds 2020 geen advocaat-medewerker meer in dienst gehad en sinds medio 2024 geen rechtenstudent. Ze had het werk, inclusief het gebruik van de AI-tool, volledig alleen gedaan.

De rechter geloofde haar verhaal en oordeelde uiteindelijk dat haar schijnbare berouw voldoende was om geen minachtingsprocedure te starten. Hij merkte daarbij op, zonder het volledige verhaal te kennen, dat ze als eerste advocaat die AI-hallucinaties aan de rechtbank had voorgelegd al genoeg publieke schande had ondervonden.

Door de mand gevallen

De Law Society of Ontario startte een onderzoek nadat de uitspraak van de rechter bekend werd. Aanvankelijk herhaalde Lee ook schriftelijk tegenover de toezichthouder haar leugen over de anonieme medewerker. Toen onderzoekers om de contactgegevens van die medewerker vroegen, weigerde ze die te geven. Pas nadat haar was verteld dat ze wettelijk verplicht was te antwoorden, gaf ze meer dan een maand later eindelijk toe dat zij alleen de pleitnota had opgesteld en ChatGPT had gebruikt.

Vanaf dat moment werkte Lee, zo blijkt uit de uitspraak, volledig mee, gaf ze haar wangedrag toe en toonde ze wat de toezichthouder beoordeelde als oprecht berouw.

Een gezamenlijk voorstel

De Law Society en de advocaat van Lee stelden samen een schorsing van zes maanden voor, plus een kostenvergoeding van 10.000 Canadese dollar. Volgens de gangbare rechtspraak moet een tuchtcollege zo’n gezamenlijk voorstel in principe volgen, tenzij de voorgestelde straf het vertrouwen in de rechtspleging zou ondermijnen.

Het panel twijfelde aanvankelijk sterk. In een tussentijdse beslissing wees het erop dat Lee’s gedrag mogelijk onder het zogeheten “Bolton-principe” viel, een leerstuk uit het Engelse recht dat stelt dat de ernstigste vormen van bewezen oneerlijkheid tot schrapping van het tableau moeten leiden, en niet slechts tot een schorsing. Het panel vroeg beide partijen om aanvullende toelichting over de vraag of zes maanden wel in verhouding stond tot de feiten, aangezien Lee de rechtbank in twee weken tijd op drie afzonderlijke momenten had voorgelogen, waarvan twee keer nadat ze ruim de tijd had gehad om alsnog de waarheid te vertellen.

Uiteindelijk aanvaardde het panel toch het gezamenlijke voorstel, op basis van een afweging van verzwarende en verzachtende omstandigheden. De oneerlijkheid was ernstig en weloverwogen, maar Lee was een zelfstandige advocaat aan het einde van een blanco loopbaan van dertig jaar, had de onderliggende zaak pro deo behandeld voor een kwetsbare cliënte, had geen eerdere tuchtantecedenten, en, van doorslaggevend belang, had nauwelijks ervaring met AI-tools en wist bij de eerste zitting nog niet dat de citaten verzonnen waren. Ze staat bovendien nog een aparte, lopende procedure wegens minachting van de rechtbank te wachten.

Nalatigheid

Het Tribunal maakte duidelijk dat het gebruik van AI bij het opstellen van juridische stukken op zich geen tuchtrechtelijk vergrijp is. Het probleem zat in Lee’s nalatigheid om te controleren wat de tool had geproduceerd voordat ze het onder haar naam bij de rechtbank indiende, en vervolgens in haar keuze om daar herhaaldelijk over te liegen in plaats van de fout meteen toe te geven. Het panel onderschreef expliciet de woorden van de rechter, die opsomde dat een advocaat de plicht heeft om AI-gegenereerde stukken door een mens te laten nakijken, en dat het “de meest fundamentele plicht van een procesadvocaat is om de rechtbank niet te misleiden”.

De uitspraak plaatst Ontario op een nog korte, maar groeiende lijst van rechtsgebieden die worstelen met AI-hallucinaties in de advocatuur, na een eerdere, minder zware tuchtzaak in Colorado tegen een jonge advocaat die eveneens verzonnen AI-rechtszaken had aangehaald. Het panel benadrukte dat beide zaken niet zomaar vergelijkbaar zijn: Lee was een veel ervarener advocaat, en anders dan haar Amerikaanse collega meldde ze het probleem niet uit eigen beweging.

Voor advocatenkantoren en zelfstandige juristen die steeds vaker generatieve AI inzetten voor onderzoek en opstelwerk, is deze zaak een herhaling van een inmiddels bekende les die rechters en toezichthouders wereldwijd trekken: de output van zo’n tool is hooguit een startpunt. De plicht om die te controleren, en om eerlijk te zijn als het misgaat, blijft volledig mensenwerk.

Misschien vind je deze berichten ook interessant