Home Bots in Society81.000 mensen vertelden wat ze vrezen, en waarderen, aan AI op de werkvloer

81.000 mensen vertelden wat ze vrezen, en waarderen, aan AI op de werkvloer

Een grootschalig onderzoek onder gebruikers van Claude onthult een paradox in het hart van de AI-revolutie: de werknemers die het meest profiteren van AI maken zich ook de meeste zorgen over hun baan.

door Pieter Werner

Anthropic heeft de resultaten gepubliceerd van het grootste zakelijke onderzoek dat het bedrijf tot nu toe heeft uitgevoerd: een enquête onder 81.000 gebruikers van Claude, waarin hen in hun eigen woorden werd gevraagd hoe kunstmatige intelligentie hun werkleven verandert. De uitkomsten zijn opvallend eerlijk, vol tegenstrijdigheden — en relevant voor iedereen die nadenkt over wat AI doet met de arbeidsmarkt.

Het onderzoek, gepubliceerd op 22 april 2026 als onderdeel van de zogeheten Economic Index, koppelt interne gebruiksdata van Claude aan persoonlijke getuigenissen van de mensen die de tool dagelijks gebruiken. Dat maakt het bijzonder: niet alleen droge statistieken over welke taken AI overneemt, maar ook hoe dat voelt voor de mensen aan wie die taken worden ontnomen — of uitgebreid.

“Zoals elke kantoorwerker tegenwoordig maak ik me eigenlijk 24/7 zorgen dat ik mijn baan ooit kwijtraak aan AI.” — Respondent, software engineer

Wie maakt zich zorgen — en waarom terecht

Een op de vijf respondenten gaf aan bang te zijn voor baanverlies door AI. En die angst is niet irrationeel. Uit de data blijkt een duidelijk verband: hoe meer taken in iemands baan door Claude worden uitgevoerd, hoe groter de persoonlijke ongerustheid. Bij elke tien procent extra blootstelling aan AI steeg het gevoel van bedreiging met 1,3 procentpunt. Werknemers in het kwart met de hoogste blootstelling noemden baanverlies drie keer zo vaak als degenen in het kwart met de laagste.

Basisschoolleraren — wier werk Claude nauwelijks raakt — maakten zich nauwelijks zorgen. Software engineers daarentegen, die dagelijks zien hoe Claude codering overneemt, waren duidelijk nerveuzer. Een van hen vertelde dat de lat na de komst van AI alleen maar hoger was komen te liggen: projectmanagers verwachtten gewoon meer, omdat de tools het mogelijk maakten. De werklast kromp niet — hij groeide mee.

Opvallend is ook het verschil naar levensfase. Starters en junior medewerkers maken zich beduidend meer zorgen dan doorgewinterde professionals. Dat sluit aan bij eerder onderzoek van Anthropic dat een mogelijke vertraging suggereert in de instroom van afgestudeerden op de arbeidsmarkt.

De productiviteitswinst — maar wie pakt hem op?

Toch is het beeld niet alleen somber. Op een schaal van één tot zeven scoorden respondenten gemiddeld een 5,1 als het gaat om zelfgerapporteerde productiviteitswinst — wat neerkomt op “aanzienlijk productiever.” Een website die vroeger maanden kostte, werd in vier à vijf dagen gebouwd. Taken van vier uur werden in twee gedaan.

Hoogbetaalde werknemers — managers, ontwikkelaars, financieel specialisten — rapporteerden de grootste winst. Maar de data bevat ook een verrassende wending: sommige laagbetaalde werknemers profiteerden minstens zo hard. Een bezorger bouwde met hulp van Claude een webshop. Een hoveniersbedrijf startte een muziekapp. Voor hen is AI geen versneller van bestaand werk — het opent deuren naar iets heel nieuws.

“Ik ben helemaal geen techneut, maar nu ben ik ineens full stack developer.” — Respondent

Niet sneller, maar verder

Als respondenten beschreven wáár de winst precies zat, gaf 48 procent aan dat AI hen in staat stelde dingen te doen die ze eerder niet konden — een uitbreiding van hun mogelijkheden. Slechts 40 procent noemde snelheid als voornaamste voordeel. Dat onderscheid is economisch gezien cruciaal. Snelheidswinst comprimeerr bestaand werk; een breder takenpakket creëert nieuwe waarde — en mogelijk nieuwe beroepen.

Kwaliteitsverbeteringen speelden ook een rol: grondigere contractcontroles, diepere code-reviews, uitgebreidere analyses. Een opvallende uitzondering vormden juristen, die juist gefrustreerd raakten doordat AI te vaak afdwaalde van hun strikte instructies. In een vakgebied waar precisie alles is, is dat geen kleine klacht.

De paradox: hoe meer winst, hoe meer angst

De meest verrassende bevinding is misschien wel de zogenoemde U-vormige relatie tussen productiviteitswinst en baanangst. Creatieve professionals — schrijvers, beeldend kunstenaars — die AI als remmend ervoeren, waren bezorgd. Begrijpelijk: het werkt niet voor hen, maar bedreigt wel hun markt. Maar ook onder werknemers die wél enorme snelheidswinst boekten, nam de angst toe naarmate die winst groter was. Hoe meer AI je werk versnelt, hoe meer je je afvraagt of jouw rol over vijf jaar nog bestaat.

Dat zegt iets wezenlijks over dit moment. De voordelen van AI zijn niet abstract — werknemers voelen ze elke dag. En juist die nabijheid maakt de grote vraag urgenter, niet minder.

Wie pakt de opbrengst?

Van de respondenten die aangaven wie er profiteert van hun hogere productiviteit, wees de meerderheid naar zichzelf: meer tijd, bredere mogelijkheden, minder sleurwerk. Maar tien procent zei dat werkgevers of klanten simpelweg méér werk zijn gaan verwachten. En ook hier speelt levensfase mee: slechts 60 procent van de starters zei zelf te profiteren, tegenover 80 procent van de senior professionals. De vruchten van AI lijken vooralsnog neer te slaan bij wie al een stevige positie heeft.

Anthropic erkent de beperkingen van het onderzoek. De respondenten hadden een persoonlijk account bij Claude en kozen er zelf voor mee te doen — een selectieve groep die vermoedelijk positiever is dan gemiddeld. Beroep en ervaringsniveau werden afgeleid uit gesprekscontext, niet rechtstreeks gevraagd. Vervolgonderzoek met gestructureerde vragenlijsten is nodig om de bevindingen te bevestigen.

De kernboodschap blijft overeind: werknemers weten intuïtief al wat de data bevestigt. Ze voelen welke banen kwetsbaar zijn, en ze hebben gelijk. Dat werknemers en cijfers elkaar zo goed vinden, is misschien wel de belangrijkste reden waarom beleidsmakers en werkgevers deze signalen serieus moeten nemen.

Belangrijkste bevindingen:

  • Werknemers in beroepen die het meest worden geraakt door AI maken zich de meeste zorgen over baanverlies — en hun gevoel klopt met de cijfers.
  • Mensen aan het begin van hun carrière zijn aanzienlijk angstiger dan ervaren professionals.
  • Zowel de best- als slechtst betaalde werknemers rapporteren de grootste productiviteitswinst — vooral doordat ze nieuwe dingen kunnen doen, niet alleen bestaand werk sneller.
  • Wie het meest profiteert van AI, maakt zich paradoxaal genoeg ook de meeste zorgen over de toekomst van zijn baan.

Bron: Anthropic, “What 81,000 people told us about the economics of AI,” 22 april 2026. Lees het volledige onderzoek.

Misschien vind je deze berichten ook interessant